Ruimte wordt geïntroduceerd als één van de drie spanningsbogen die de afstemming tussen de binnen- en de buitenwereld uitdagen.

Met ruimte wordt verwezen naar plek. Dit gaat letterlijk over een plek waar iemand naartoe kan gaan. En over of iemand zich op zijn of haar plek voelt.

Met ruimte wordt ook speling bedoeld. Heeft iemand tijd over. Is iemand flexibel. Is er sprake van financiële speling, etc.

Mobiliteit valt ook onder ruimte. Kan iemand zich verplaatsen. Van ruimte veranderen. Denk aan bewegingsruimte en bewegingsmogelijkheden.